
Kok in Lexmond had de primeur in 2006, met de levering van de eerste Keestrack puinbreker type Destroyer 1312. Nu, drie jaar later, zijn al vijf Keestrack Destroyer's bij Kok in gebruik en daarmee is Kok het bedrijf met de meeste mobiele puinbrekers.
De Keestrack Destroyer’s worden bij Kok ingezet in de recycling van beton, puin en asfalt. De combibrekers hebben een capaciteit van circa 250 -300 ton/uur en/of 2.500 ton/dag.
De Keestrack brekers hebben een geïntegreerd dubbeldeks zeefdek (1.500 x 4.500 millimeter) en is uitermate geschikt voor het maken van een eindproduct van de fractie: 0-31 millimeter.
Speciale kenmerken van deze breker zijn de optimale en veilige toegang onder de rotor voor onderhoud en het verwijderen van ‘stoormateriaal’ - zoals ijzer - door het gepatenteerd "Tilting chassis" systeem.
Een Caterpillar dieselmotor Tier II, type C 13, ( 392 kW/ 525 pk. ) met 1800 omwentelingen/minuut, zorgt voor de aandrijving van de breker en de hydraulische functies.
De Destroyer staat op een rupsonderstel, waardoor het mogelijk wordt om op onverhard terrein te werken.
De machine is gemakkelijk te transporteren door het geïntegreerde transportsysteem. De breker wordt in transportpositie als een oplegger vervoerd. Onder de bunker is een kingpin gemonteerd die in de schotel van een truck valt; aan de achterzijde wordt door middel van een snelkoppeling een 4-assig wielstel gekoppeld. Dit heeft als voordeel dat de machine zonder aparte / speciale dieplader vervoerd kan worden,
Het transportgewicht van de Keestrack Destroyer is circa 52 ton
Procesomschrijving
In de trilvoeder van de vultrechter is een zeefzone ingebouwd. Hier vindt een eerste voorafzeving plaats van de fijne fractie. Na de trilvoeder komt de tweedeks voorzeef (3600 X 1300 millimeter). De overkorrel van het bovenste zeefdek wordt naar de rotorbreker gevoerd. De doorval komt op het tweede zeefdek, dat voorzien wordt van een maat naar keuze. De overkorrel hiervan komt ook in de rotorbreker terecht. De fijne fractie valt op een verzamel - transportband onder het zeefdek, en kan onder de rotorbreker bij het gebroken materiaal afgevoerd worden of door het omkeren van de draairichting, via een optionele zijafvoerband afgevoerd worden.
Het breken gebeurt door een draaiende rotor met slaglijsten, die het materiaal tegen twee verstelbare breekplaten aan slaat. Door het verstellen van de afstand van deze platen tot de rotor, en het rotortoerental wordt de grootte van het eindproduct bepaald.
Onder de rotorbreker is een trilgoot gemonteerd. Deze brengt het gebroken materiaal, samen met het vooraf gezeefde fijne materiaal, naar de hoofdafvoerband. Deze transportband brengt het gebroken materiaal onder bovenband magneet door naar hetzij achterkant uit de machine, hetzij naar de optionele schudzeef.
Met deze schudzeef kan in één werkgang een gegarandeerd eindproduct gemaakt worden. De overkorrel van deze schudzeef voert via een dwarsband (optie) en terugvoerband (optie) terug naar de vultrechter. Zo wordt de overkorrel nagebroken, en komt uiteindelijk in het fijne eindproduct terecht. De doorval van de schudzeef komt via de eindfractie – afvoerband aan de achterzijde uit de machine.
Onder de rotorbreker is een trilgoot gemonteerd. Deze brengt het gebroken materiaal, samen met het vooraf gezeefde fijne materiaal, naar de afvoerband.
Nadere informatie: Van Bemmel IJsselstein













