
In de grond-, water- en wegenbouw is de orderportefeuille tussen juni en augustus met een tiende maand gestegen tot 6,3 maanden. Volgens het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB) is deze stijging geen incident: Vanaf april is de orderportefeuille in de gww voortdurend gestegen.
De stijging wordt gedragen door de bedrijven die actief zijn in de grond- en waterbouw. In deze subsector van de gww steeg de orderportefeuille sinds april met een halve maand tot 7,4 maanden. In de wegenbouw vertoont de orderportefeuille weinig beweging en komt eind augustus uit op 5,2 maanden. Dit constateert het EIB in haar conjunctuurmeting van september 2009.
Ook de overige uitkomsten van de conjunctuurmeting wijzen op een voorzichtig herstel van de gww. In de gww is het oordeel over de werkvoorraad in evenwicht: 12 procent vindt deze groot en 12 procent vindt deze klein. In de subsector grond- en waterbouw is het oordeel per saldo zelfs positief: 22 procent van de bedrijven in deze sector beoordeelt de werkvoorraad als groot, 14 procent als klein.
In de gww-sector verwacht ruim 90 procent van de bedrijven dat de omvang van hun personeelsbestand niet verandert.













